14 november 2011
Het meldnummer ‘144 (spreek uit: één-vier-vier), red een dier’ wordt op 15 november opengesteld voor het publiek. Door het telefoonnummer kunnen meldingen over dierenleed beter en effectiever worden opgevolgd door de politie en andere hulpverleners en handhavers. De aanpak van dierenmishandeling en dierenverwaarlozing wordt verder verstevigd met een verhoging van de strafeisen door het openbaar ministerie. Ook gaan binnenkort de eerste dierenpolitieagenten aan de slag.
KLPD
Het meldnummer ‘144, red een dier’ is ondergebracht bij het Korps Landelijk Politiediensten (KLPD). Meldingen worden beoordeeld door speciaal opgeleide politiemensen. Bij meldingen van acuut dierenleed wordt direct actie ondernomen door het betreffende regionale politiekorps. Ook kunnen via het meldpunt een dierenambulance of gespecialiseerde diensten, zoals de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) en de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) worden ingeschakeld. Beide diensten treden toezichthoudend en handhavend op tegen dierenleed. De nVWA richt zich daarbij vooral op bedrijfsmatige sectoren en de LID treedt met name op tegen mishandeling van hobbymatig gehouden dieren.
Meldnummer onderdeel van expertisecentrum
Om te zorgen voor een landelijk dekkend en goed functionerend netwerk achter ‘144, red een dier’ zijn er afspraken gemaakt over de taakverdeling op het terrein van dierenhandhaving en dierenhulpverlening.
De taakverdeling staat in twee convenanten die vandaag zijn ondertekend door minister Opstelten en vertegenwoordigers van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, de Dierenbescherming, de Federatie Dierenambulances Nederland en de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde.
Hogere strafeisen tegen dierenmishandeling
De bestrijding van dierenleed wordt verder versterkt met een verhoging van de strafeisen tegen mensen die zich schuldig maken aan dierenmishandeling. Het openbaar ministerie heeft het strafvorderingsbeleid per 1 oktober verzwaard. Bij de strafeis wordt voortaan ook rekening gehouden met het letsel dat een dier is toegebracht of de gevolgde dood van het dier. Daarnaast wordt onder andere een reclasseringsrapport gevraagd bij delicten met een sadistische inslag of in gevallen waarin sprake is van grote maatschappelijke verontwaardiging.
Bron: Rijksoverheid